9/11-Critici: ‘Complotgekkies’ of Betrokken Burgers?

De beelden van exploderende vliegtuigen in het statige World Trade Centre van New York lijken als een onuitwisbare muurschildering in ons bewustzijn te zijn gekrast. Op 11 september 2001 werden de Verenigde Staten op eigen grondgebied aangevallen door Islamitische terroristen. Althans, dat is het verhaal. Ook nu nog barst het internet uit zijn digitale voegen van kritiek op die mainstream visie en vinden de meest uiteenlopende theorieën over de aanslagen online gemakkelijk hun weg. Dit terwijl traditionele media ogenschijnlijk hun vingers niet willen branden aan alternatieve verklaringen. Er is niet voor niets veel te doen geweest over de oorlogen die uit naam van 9/11 volgden en in de academische wetenschappen gelden de aanslagen dan ook veelal als tipping point binnen de internationale betrekkingen. In gesprek met critici en complotdenkers stel ik me open voor andere verklaringen van ‘de dag die de wereld veranderde’.

‘’De helft van de mensen die zich in dit veld bezighoudt is knettergek.’’ George van Houts schiet in de lach terwijl hij het zegt en doelt op complottheoretici die geen grenzen kennen. Serieus voegt hij er aan toe: ‘’maar die andere helft zijn gewoon weldenkende mensen die zien dat het huidige verhaal niet klopt.’’ Van Houts is theatermaker en acteur van De Verleiders, een activistische theatergroep die grote en schurende maatschappelijke thema’s in hun voorstellingen verwerkt. Op dit moment is hij bezig met een volgende solovoorstelling over complottheorieën en waagt zich daarmee een weg te banen door de mistige wereld van 9/11. ‘’Ik ga zelf uit van een inside job en dat wordt waarschijnlijk ook het uitgangspunt van de voorstelling. Ik ga gewoon eens kijken wat er allemaal klopt als we er eens vanuit gaan dat de Amerikaans overheid medeplichtig is. Want dat durft eigenlijk niemand aan.’’ Theater en cabaret horen in zijn ogen te gaan over een intelligente, absurdistische verdraaiing van de werkelijkheid waardoor je er anders naar gaat kijken. ‘’Het moet je denken door elkaar gooien; je moet bijna gedesoriënteerd het theater verlaten.’’ Humor en zelfrelativering zijn daarbij belangrijke ingrediënten. ‘’Je kan wel als een predikant je boodschap gaan verkondigen, maar dan klappen mensen dicht. Zo werkt communicatie. Lachen is open, waardoor de boodschap er gemakkelijker inglijdt. Bovendien laat je ermee zien dat je jezelf ook niet altijd even serieus neemt.’’

Toen op de dag van de gebeurtenis vrijwel eenieder nog in shocktoestand verkeerde, stuitte Albert Toby al op tegenstrijdigheden. Naar eigen zeggen begonnen de alarmbellen bij hem te rinkelen toen Bin Laden al werd beschuldigd voordat Al-Qaeda de aanslag opeiste. Hij geldt dan ook als een van de eersten die door het land trok om lezingen te geven over verscheidene complottheorieën. Beroepsmatig is Toby reïncarnatie- en regressietherapeut en houdt zich bezig met trauma’s, angsten en fobieën. Hij behandelt cliënten via regressietherapie, waarmee wordt gepoogd de oorzaak van iemand’s huidige probleem te vinden in onverwerkte traumatische gebeurtenissen door terug te gaan naar de oorsprong en kern van de persoonlijke problematiek. ”Mede door mijn werk verdiepte ik me in de vraag waarom, bijvoorbeeld, seksueel misbruik langdurig kan plaatsvinden zonder dat er alarmbellen afgaan bij ouders, kerk, leraren of instanties. Tot me duidelijk werd dat die alarmsignalen er vaak wel zijn, maar niet worden herkend of serieus genomen.” Toby constateert een spanningsveld van taboes in de samenleving waardoor dingen op grote schaal kunnen plaatsvinden en het toch op grote schaal niet doordringt tot de massa. ‘’En diegene die er iets over zegt wordt belachelijk gemaakt. Denk aan het lot van klokkenluiders binnen een organisatie: die kunnen het zwaar te verduren krijgen. De angst regeert om je mond open te doen.’’ Door veel therapeutisch onderzoek is hij op het thema mind control terecht gekomen. Hij heeft zich zodanig gespecialiseerd in gedachtebeïnvloeding, gedragsmanipulatie en hoe angstzaaiing werkt in een maatschappij, dat hij meent veel van dergelijke patronen te herkennen rondom de aanslagen van 9/11. De eindeloos herhaalde beelden van instortende gebouwen, bijvoorbeeld, zorgen volgens Toby bij het grote publiek voor een soort shockerende toestand, waardoor het kritische weerstandsvermogen grotendeels wegvalt. Het is zijns inziens gemakkelijk om bij een dergelijke situatie in een soort hypnose van collectieve angst terecht te komen, waardoor de meest extreme politieke doelen gerechtvaardigd kunnen worden zonder tegengeluid, zoals de Patriot Act en de oorlogen in Afghanistan en Irak.

Er komt ook kritiek vanuit het wetenschappelijke domein, waar door een groep van internationale wetenschappers al jaren wordt gewerkt aan onderzoek naar alternatieve verklaringen. Deze beweging is inmiddels uitgegroeid tot een club van meer dan 2600 academici, ingenieurs en bouwkundigen, met als een van de kopstukken de Amerikaanse architect Richard Gage. Nog aan het begin van dit jaar gaf hij een presentatie in een uitverkochte zaal van de Technische Universiteit Delft en riep hij niet alleen op tot een kritische houding richting de ‘Terror Attacks’, maar toonde hij ook te beschikken over zelfreflectie. ‘’Please check all the facts that you hear tonight. We are not looking for believers, this is not a religion or a conspiracy theory cult.’’ De Amerikaanse hoogleraar filosofie en theologie aan de Universiteit van Claremont in Californië, David Ray Griffin, maakt ook onderdeel uit van die stroming en schreef meerdere boeken over 9/11. In zijn boek ’11 september: een onderzoek naar de feiten’ spit hij officiële rapporten door en legt hij vrijwel alle relevante theorieën op de weegschaal. Hij stelt vast dat het complexe geheel tot twee belangrijke type samenzweringstheorieën terug te brengen zijn: de gevestigde theorie, die stelt dat de aanslagen waren voorbereid en uitgevoerd door Al-Qaeda, en de alternatieve theorie, die stelt dat de aanslagen niet hadden kunnen plaatsvinden zonder actieve ofwel passieve betrokkenheid van machten binnen de Amerikaanse regering. Hij onderscheidt acht mogelijkheden waarop medeplichtigheid van de overheid zich zou kunnen manifesteren. Bij onder meer het bestuderen van de officiële rapporten van de onderzoekscommissie stelt hij ten minste 115 omissies en verdraaiingen vast. Zo bespreekt hij ook in belangrijke mate de moeder aller bewijslasten waar vrijwel alle critici het over hebben: Building number 7. Daarmee wordt gedoeld op een derde toren van 47 verdiepingen, WTC7, die ruim zeven uur na de Twin Towers is ingestort, zonder geraakt te zijn door een vliegtuig. Deze gebeurtenis is onder de radar van de mediaberichtgeving gebleven en daarmee bij velen onbekend. Het officiële FEMA-rapport speculeert over wat er gebeurd zou kunnen zijn, maar heeft geen sluitende verklaring voor de instorting. De implosie toonde volgens vele experts alle tekenen van een gecontroleerde vernietiging, omdat op beelden van de instorting te zien is dat het gebouw vanaf onder valt in plaats vanaf boven, er stalen kolommen worden weggeblazen en het gebouw in ongeveer 7 seconde ineen stortte. Technisch en wetenschappelijk is het volgens Griffin’s onderzoek niet te onderbouwen dat de instorting door de woedende brand is veroorzaakt, omdat het smelten van staal een temperatuur van ongeveer 1500 graden Celsius nodig heeft. De maximaal haalbare temperatuur van een open vuur dat wordt gevoed door koolwaterstoffen ligt tussen 870 en 925 graden Celsius. Bovendien is er geen opdracht gegeven om de brand in het gebouw te blussen. In WTC 7 zaten onder andere departementen van de Internal Revenue Service (IRS), het ministerie van defensie, de Central Intelligence Agency (CIA), de Secret Service, de commandobunker van burgemeester Giuliani en de SBC, de beurswaakhond die toeziet op de financiële schandalen van Wall Street.

Het is deze beweging van professionals en zijn speurwerk in de financiële wereld die Van Houts in vertwijfeling hebben gebracht. ‘’Ik hecht waarde aan ingenieurs en architecten die zeggen: dat kan niet wat wij daar zien. En gebouw 7 is dan natuurlijk de trigger. Er is nog nooit in de wereld een gebouw door alleen kantoorbranden zo mooi en kaarsrecht in elkaar gestort.’’ Waar Van Houts aan het begin van zijn activistische zoektocht staat, heeft Toby naar eigen zeggen zijn actieve strijd moeten staken vanwege overvloedige intimidatie en bedreigingen. Van Houts is er van overtuigd dat zolang hij zijn strijd zoveel mogelijk in de openheid voert, hij tegelijkertijd door de openheid wordt beschermd.

Maar als het zo duidelijk is en de bewijzen voor het oprapen liggen, hoe kan het dan dat de alternatieve theorie nog niet tot de communis opinio is doorgedrongen? Volgens zowel Van Houts als Toby komt dat mede door het feit dat het stempel van ‘complotgekkie’ enorm bepalend is voor het maatschappelijke debat. Het is bovendien zo dat meerdere opiniepeilingen in de Verenigde Staten hebben aangegeven dat bijna de helft van de bevolking de gevestigde theorie wantrouwt. Griffin stelt in zijn boek vast dat het niet logisch is om bewijsvoering a priori te verwerpen met als voornaamste reden dat het een ‘complottheorie’ is. Immers nemen we allerlei samenzweringstheorieën in de samenleving voor waar aan, bijvoorbeeld bij het beroven van een bank, het bedriegen van klanten of het vaststellen van marktprijzen. Griffin concludeert dat het veelvuldig gebruikte stempel van ‘complotgekkie’ niet passend is en mensen niet simpelweg in te delen zijn in ‘zij die samenzweringstheorieën aannemen’ en ‘zij die dat niet doen’, maar dat het draait om de vraag welke samenzweringstheorieën mensen om welke redenen aannemen of verwerpen. Een belangrijk statement van Griffin is dat ook de gevestigde theorie een vorm van een samenzweringstheorie is, namelijk de idee van een complot tegen de VS door een islamitische terreurgroep met aan het hoofd Osama Bin Laden. Welke van de twee complottheorieën aangehangen wordt, zou volgens Griffin af moeten hangen van het bewijsmateriaal, hetgeen de gevestigde theorie op velerlei punten tegenspreekt. Zembla is in Nederland vrijwel de enige binnen de toonaangevende media die serieus aandacht aan dit onderwerp besteedde, door in een documentaire de meest omstreden theorieën met wetenschappers en professionals te bespreken. De uitzending eindigt met een treffende conclusie: ‘als we niet blijven zoeken naar antwoorden, zullen we nooit de waarheid vinden.’

Dit (bewerkte) achtergrondverhaal is een opdracht van het vak Politieke Journalistiek aan de Universiteit van Amsterdam en met toestemming van de geïnterviewden gepubliceerd.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *