Project Europa

Europa. Dit wonderschone, diverse en dynamische continent is al geruime tijd een gevoelig onderwerp van gesprek. Je zou er namelijk faliekant tegen kunnen zijn. Laten we die illusie nu eens vakkundig de wereld uit helpen. Europa is namelijk een term die vele definities kent, maar toch voornamelijk en terecht gebruikt wordt om de geografische afbakening van het continent of werelddeel aan te geven waar onder andere wij Laaglanders op leven. Als je toch actief tegen die omvangrijke kluit aarde bent en vecht, moet je wel een onaangenaam, zwaar en treurig bestaan leven. Toch presenteert een niet verwaarloosbaar aantal mensen zich graag als anti-Europees en duikt de term anti-Europa veelvuldig op in verschillende media en in de spreektaal van politici en beleidsmakers. Zij doelen natuurlijk op mensen of groepen in de samenleving die zich tegen één of meer instituties van de Europese Unie (EU) keren, of daar op zijn minst zeer kritisch tegenover staan. Het klakkeloos en bijna ongeboeid mixen van de termen EU en Europa door zowel professionele onderzoeksjournalisten en opiniemakers als vooraanstaande politici en hoge ambtenaren, is voor mij een van de grootste ergernissen in het maatschappelijke debat. Muggenziften? Mierenneuken? Op het eerste gezicht lijkt dat misschien wel zo, maar die irritatie heeft bij mij wel degelijk een verhaal. Indien je namelijk als politicus of journalist – een baan met een bepaalde maatschappelijke verantwoordelijkheid – onzorgvuldig en laks met dergelijke terminologie omgaat en niet of nauwelijks gecorrigeerd wordt door de (andere) media, is het voor diezelfde media nogal gemakkelijk en verleidelijk om zo nu en dan de werkelijkheid zodanig te versimpelen en alle EU-critici als gekgedraaide populisten of doorgewinterde nationalisten in een donker daglicht te stellen. De werkelijkheid is natuurlijk vele malen complexer. Want als ik tegen een associatieverdrag met Oekraïne stem, ben ik echt niet meteen een patriottistische hooligan of automatisch een vriend van Poetin. Was ik als euro- en EU-criticus dan blij met de uitslag van het Britse referendum? Ja, ondanks de xenofobe marketing van mediamagnaat Murdoch. Ik heb de champagnefles dicht gelaten, maar kan niet ontkennen dat ik een onstuimige nieuwsgierigheid koester naar de feitelijke consequenties van deze ingrijpende beslissing en of de geschetste doemscenario’s zich daadwerkelijk voltrekken – ik denk het niet. Het meest wenselijke is in mijn optiek dat de EU en het Verenigd Koninkrijk hun huwelijk als volwassenen scheiden en met een open en vriendschappelijk vizier beide hun eigen politieke koers gaan varen. Bovendien wens ik de 48% van de Britse bevolking toe dat er in het ontmantelingsproces zoveel mogelijk rekening gehouden wordt met hun wensen en dat bij de Britse regering het besef doordringt dat het grote aantal jongeren dat ‘remain‘ heeft gestemd het langst met deze uitkomst moet leven. Boven alles wens ik uit de grond van mijn hart dat de Brusselse gezagvoerders dit als allerlaatste kans zien om zichzelf met een overdosis aan zelfreflectie en -bewustzijn te overladen en in al hun trots toegeven dat de Europese Unie aan drastische verbouwing toe is. Als blijkt dat de arrogantie en de naïviteit het van het verstand en de professionaliteit gaat winnen vormen zij een gevaar voor niet alleen zichzelf, maar voor heel Europa. Europa ja – dat continent met al haar bewoners.
Laat er geen misverstand over bestaan: als ik iets heb ontdekt op mijn wereldreis in Zuidoost-Azië en Oceanië dan is het wel hoe veel ik van Europa houd. Haar fluwelen talen met hun onnavolgbare accenten; haar ontelbare bezielde steden en dorpen, die eeuwenoude geschiedenis uitademen; haar eigenwijze maar ook vooruitstrevende bevolking; haar rijkdom aan wateren en gerespecteerde natuurgebieden; en haar onsterfelijke droom een bakermat van vrede en harmonie te zijn. Maar als ik ergens van gruwel is het wel van niet-aansprakelijk te stellen technocraten van de Europese Raad (ER) die zichzelf zo graag als ‘president van Europa’ doen voorkomen; van schijn-gekozen imperialisten in de Europese Commissie (EC) die inmiddels in indirecte zin over lijken gaan om hun Europese droom top-down te bewerkstelligen; van een clown die als hoofd van de Europese Centrale Bank (ECB) ons monetaire systeem naar de gallemiezen helpt door ondoordacht en blind aan de knoppen van de digitale geldpers te draaien; van een nauwelijks te stoppen cliëntelistische draaideur, waarbij verliezende EC-kandidaten het voorzitterschap van het Europees Parlement (EP) als troostprijs krijgen, en verre van bovenpartijdig of neutraal en zelfs tegen de rules of procedure in (lees: illegaal) mogen opereren; van zogenaamd liberale of socialistische parlementsleden die zich voor schandalig hoge bedragen laten omkopen door de almachtige bedrijfslobby in Brussel en zich, zonder met hun ogen te knipperen, democratische volksvertegenwoordigers durven te noemen. De voorzitter van de ER, nu de Poolse Donald Tusk, wordt graag als zijnde staatshoofd van het ‘land’ Europa gepresenteerd en verdient misschien wel om die reden bijna evenveel als Obama. Let wel: ik vind het prima als je als hoge bestuurder met zware verantwoordelijkheden een knap salaris krijgt, maar als er geen mechanisme bestaat om je tot de orde te roepen en aansprakelijk te stellen voor je politieke daden, kan je die luttele 3,5 ton net zo goed in de fik steken. Manuel Barroso, ooit een door Mao geïnspireerde communist (geen kritische vragen alstublieft!) en 10 jaar EC-voorzitter geweest, houdt er ook niet van als je om openheid en legitimatie van z’n salaris en declaraties vraagt, en de huidige (dronken?) EC-voorzitter Juncker functioneert het liefst net zo anti-democratisch, of in zijn eigen woorden: ”I am for secret, dark debates”. Verder mag in de Europese Commissie onder andere een Spaanse oliebaron, Cañete, de portefeuille ‘Klimaat en Energie’ onder zijn hoede nemen en is meneer Vella blijkbaar de best mogelijke optie voor het milieu- en visserijbeleid, ondanks dat hij illegale jacht op trekvogels toestaat en in het verleden gerelateerd is aan belastingfraude. Voor Mario Draghi geldt dat ik geen idee heb wat hij in zijn tijd bij Goldman Sachs nu precies geleerd heeft, maar dat ik in ieder geval niemand ken die enthousiast is over zijn Italiaanse luchtfiets-strategieën – en onze staatsomroep evenmin. De licht ontvlambare Duitser Martin Schulz mag de baas spelen over het Europees Parlement en schold, toen hij nog socialistisch parlementariër was, zijn collega’s zo nu en dan uit voor fascist als ze om meer openheid en transparantie vroegen. Dat doet een van zijn critici, de wellicht ietwat xenofobe Godfrey Bloom, vervolgens ook, maar die wordt – in tegenstelling tot Schulz – uit het parlement verwijderd. Wie ook altijd mogen blijven zitten, zijn arrogante parlementariërs als Guy Verhofstadt, Rachida Dati of Hans van Baalen die als puppets van het bedrijfsleven zogenaamd de wil van het volk verdedigen. Verhofstadt wordt indirect door de rijkste families van België gespekt en houdt aan zijn verstrengelingen met het bedrijfsleven jaarlijks een slordige 190.000 euro’s over. Dat is echter een grap vergeleken met Rachida Dati: zij krijgt jaarlijks maarliefst een half miljoen van het Franse nutsbedrijf Suez, dat er op uit is om onder financiële dwang geprivatiseerde Griekse staatsbedrijven over te nemen. Hans van Baalen heeft als jurist natuurlijk verstand van auto’s en mocht Volkswagen en lobbyclub RAI voor een luttele 13.000 knaken ‘adviseren’. Hij heeft z’n nevenfuncties inmiddels onder druk opgezegd, maar blijkt gevoelig te blijven voor (tabaks-)lobby. Het zijn allemaal slechts symptomen van een verderfelijk en ziek politiek instituut, die bewijzen dat de EU in haar huidige functioneren niet langer over vrede maar over macht lijkt te gaan en in mijn ogen zelfs potentieel gevaarlijk is, omdat het met haar ramkoers een van de hoofdverantwoordelijken is voor de economische, politieke en sociaal-culturele scheidslijnen die zich in Europa steeds verder uitdiepen. Ben ik dan ook voor een Nexit? Op dit moment lijkt me dat niet wenselijk om de voornaamste reden dat Nederland geen geografisch geïsoleerd eiland is en in enorme mate met het achterland verbonden is. Maar ik vrees dat Einstein gelijk had toen hij zei dat ‘we problemen niet kunnen oplossen met dezelfde gedachten die ze veroorzaakt hebben‘ en dat het afdwingen van rigoureuze hervormingen met druk van buitenaf moet. Het is naar mijn weten immers nog maar nauwelijks voorgekomen in de geschiedenis dat de geïnstitutionaliseerde en conventionele macht zich vanzelf en uit zichzelf hervormt of beperkt. We’ve got a hell of a job!

Maar de EU doet toch ook goeie dingen en we hebben de EU toch nodig voor het aanpakken van grensoverschrijdende problemen? Dat en later meer. Tot na de reclame!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *